Eelco Gelling is terug en clean (Tubantia 15/11/01)
"Een tour langs de schouwburgen, daar voel ik me te jong voor."
door Ton Ouwehand
De Eelco Gelling Band speelt zaterdag in De Lantaarn te Hellendoorn. De
gitarist, die ooit met Harry Muskee de groep Cuby & the Blizzards oprichtte,
schopte het samen met Jan Akkerman tot de meest spraakmakende gitarist van ons
land.
Eelco Gelling was ergens in de eerste helft van de jaren zestig fotograaf bij
de Asser Courant. En toen hij ontslagen werd omdat zijn haar te lang was, nam
Harry Muskee, die corrector was bij hetzelfde dagblad, ook ontslag. Heel
solidair. Bluesmakkers onder elkaar. Eelco en Harry lieten de krant voor wat
die was en begonnen een bluesgroep, die legendarisch zou worden: Cuby & the
Blizzards.
"Vertelt Harry dat?" Eelco Gelling (54) zet zijn olijke ogen in een verbaasde
stand. Maar hij is de beroerdste niet. Hij laat zijn oud-collega niet zomaar
vallen vanwege een historische onvolkomenheid. Hij is best bereid de
geschiedenis enigszins aan te passen voor een mooi bluesverhaal. "Okay", zegt
hij collegiaal.
Maar Gelling werd helemaal niet ontslagen. Hij nam zelf ontslag. En van een
bevriend advocaat heeft hij vernomen dat zijn geval zelfs uitgebreid
beschreven staat in verband met een jurisprudentie. Al laat hij dat woord niet
vallen.
"De directeur van de Asser Courant wilde me eruit gooien, omdat hij
vond dat mijn haar te lang was. Maar ik vond dat onzin, dus ik vocht het aan.
Zolang er geen uitspraak was, ging ik elke dag naar mijn werk. Ik sloot me op
in de donkere kamer. En dat was heilige grond. Als het rode lampje brandde,
mocht niemand er naar binnen, ook de directeur niet. Toen ik uiteindelijk
gelijk kreeg, heb ik zelf ontslag genomen. Het ging inmiddels zo goed met de
band dat het ook kon."
Gelling heeft nog foto's uit die tijd. "Ik zag er keurig uit toen. Echt zo'n
persoon waartegen ikzelf u zou zeggen. Een net pakkie aan en een stropdas.
Echt een meneer, dik voor elkaar."
Om zijn haardracht wordt hij nergens meer uitgetrapt. Zijn hoofd heeft hij
kaalgeschoren. Hij zit in een sjofel spijkerpak in een Haags etablissement
achter een koffie met een borrel. Er komt een hele jazzband binnen, die hem
vriendelijk groet. Keurige kerels, die zonder uitzondering enthousiast "Ha,
Eelco" roepen. Nee, hij zit niet meer in de goot. Dat was een periode die hij
bij voorkeur als 'dipje' omschrijft.
Eelco Gelling is terug en clean. Hij heeft samen met Ron Krop, alias El Kroppo, een band op de been met jonge jongens uit Gorinchem. Hij heeft twee zoontjes van zeven en elf, die weliswaar
bij hun moeder wonen, maar die hij wel een keer per week ziet.
Het gesprek heeft plaats in gezelschap van Jan van Rossem ("Ik zorg dat Eelco
komt waar hij moet wezen") en saxofonist Boris van der Lek, die volgens
Gelling 'indien beschikbaar' lid is van de Eelco Gelling Band. Een status die
mondharmonicaspeler John Lagrand ook heeft. (....)
(....) Eelco heeft de geschiedenis goed op rij. Hoe hij zijn eerste gitaar
zelf van electronica voorzag door een oortelefoontje in de bodem van een leeg
doosje Rennies te monteren en vervolgens de boel in een oude radio in te
pluggen. Hij wilde aanvankelijk saxofoon spelen, maar de huisarts raadde dat
af vanwege zijn astma. En toen werd het gitaar. Twaalf was hij toen hij gitaar
leerde spelen in een indoband in Assen. "Daar zat een vader in met een stel
prachtige dochters. Ik mocht mee oefenen, zolang ik niet voor oponthoud
zorgde."
En dan de ontmoeting met Harry Muskee, die hem inwijdde in de wereld van de
blues. "Delta-blues, dat was het voor mij. Ik hoorde daar zoveel ruimte in en
zoveel positiefs. Ik heb nooit begrepen dat mensen blues associeren met
tranen, verdriet en verbittering. In de blues hoorde ik alleen maar kracht,
power en ruimte. Ik vond het zeer positieve muziek. Zo'n plaat als van John
Lee Hooker, 'Live At Newport', dat is een hoogtepunt in de muziek."
De opmerking dat hij zelf veel beter speelt dan Hooker veegt hij van de tafel.
"Daar denk ik dus heel anders over. Met summiere middelen wordt een karakter
neergezet. Het gaat er niet om of je handiger bent. Het gaat erom wat je te
zeggen hebt."
"Ik heb op gitaargebied nooit een voorbeeld gehad. Ik was onbevangen. Wat in me
opkwam speelde ik. Pas als je dingen gaat begrijpen, slaat de twijfel toe. En
op het moment van begrijpen, is de jeugd definitief voorbij. Dat onbevangen
spelen vind ik nu weer terug in de band die ik nu heb."
Deze band, die vier jaar bestaat, draagt zijn naam. "Ik heb de meeste plaatjes
gemaakt en dergelijke. Maar ik had liever een bandnaam. We spelen blues, rock
'n roll-achtig. Met nieuw materiaal, maar ook met oude stukken die ik nog
steeds de moeite waard vind om te spelen. Zonder veel moeite doe ik daar de
mensen een groot plezier mee. Er zijn vaak verzoeken om oude stukken die ik
met Cuby speelde. Eerst dacht ik dat ze me in de maling namen. Ik dacht dat ze
gewoon de platenkast van hun ouders hadden doorgesnuffeld. Maar het is echt."
Cuby & the Blizzards speelt nu in de theaters. Eelco Gelling is blij dat hij
daar niet bij zit. "De band is opgeheven en we hebben een afscheidsconcert
gedaan. That's it. En zo'n reünie, daar heb ik zelf niks mee. Net als dat back
to the sixties, doen zoals toen. Daar wil ik niks mee te maken hebben. En
trouwens, ik moet zeggen, zo'n tour langs de schouwburgen, daar voel ik me nog
te jong voor."
Hij was geschokt door de dood van Herman Brood. "Het deed me veel meer dan ik
had gedacht. Vlak voor zijn sprong had ik hem nog gesproken. Ik had er nooit
rekening mee gehouden dat Herman dood zou gaan. Als iemand altijd aanwezig
was, was hij het wel. Ik kan me wel voorstellen dat het zo moest. Het was
moeilijk voor hem om af te kicken. Dan ben je al zo kwetsbaar. Het beeld wat
hij van zichzelf had opgeroepen zou als een nachtkaars uitgaan en dat kon
niet."
"Ik ben samen met Jan en Boris naar Paradiso geweest om afscheid te nemen. Uit
respect. Daarna zijn we weggegaan. Zo'n feestje dat er pas gevierd is, daar
wilden we ook niets mee te maken hebben."
Hij heeft jaren samengespeeld met Brood, toen die lid was van Cuby & the
Blizzards. "De groep met Brood was de beste versie van Cuby die we gehad
hebben. Herman was een geweldige muzikant. Hij wist heel snel wat de essentie
van een song was. Als je een solo van hem terughoorde, dan kon je vaststellen
dat hij veel meer suggereerde dan hij speelde. Na Brood kregen we Helmig van
der Vegt. Die man kon alles. Te gek. Maar met Herman was het veel meer rock 'n
roll. Toen we met Helmig speelden, was de groep een trio met twee solisten
ervoor: Harry en ik. Maar Herman was veel meer het gewricht tussen de
ritmesectie en Harry en mij. En hij was een heel prettig mens om mee te
werken. Nooit gezapig."